Eerder kon je al lezen over de labels en certificeringen die veel voorkomen bij de producten die wij in onze webshop verkopen. Nu is de site Ecolabel Index gelanceerd. Dit is een wereldwijd overzicht van 328 ecolabels in 207 landen en 40 sectoren.
Als ik nu kijk naar de ecolabels die wij veel hanteren (Blaue Engel, Nordic Swan, FSC recycled) is de informatie die bij Ecolabel Index beschikbaar is nog redelijk summier, maar dit kan een handig naslagwerk worden voor mensen of bedrijven die een label op een product of dienst zien waarvan ze niet zeker van zijn of het greenwashing is of niet. Zo zal Ecolabel Index antwoord geven op een aantal belangrijke vragen: Wie zit achter het ecolabel? Wie doet de audit? Hoe lang is het ecolabel geldig? En nog vele andere vragen.
Het ziet er veelbelovend uit als een onafhankelijk en objectief overzicht van ecolabels over de hele wereld.
Vorige week is een interessant item geplaatst op duurzaamkantoor.blogspot.com over het belang van duurzaamheid voor werknemers van generatie Y. Volgens de Nederlandse Wikipedia vallen jongeren die na 1985 zijn geboren binnen de generatie Y, terwijl de Amerikaanse Wikipedia een range aanhoudt tussen 1979 en 1995. Hoe dan ook, het gaat om de groep jongeren die is opgegroeid met communicatie technologieën zoals e-mail, sms, chat en sociale netwerk sites. Deze groep betreedt momenteel de arbeidsmarkt en alleen al om die reden is het als werkgever goed te weten wat hen motiveert en bezighoudt.
Voor het onderzoek, waarnaar wordt verwezen in de blogpost, zijn meer dan 5000 jongeren uit Amerika, India, China en Groot-Brittannië ondervraagd. Zoals in de post staat is “…generatie Y flexibel, mobiel en werkt samen op onconventionele wijze. Bij de keuze voor een baan is het belangrijk wat de mogelijkheden zijn om te leren, samen te werken en wat de cultuur van het bedrijf is.” Dit zijn feiten die al bekend waren over generatie Y, maar opvallend is dat nu blijkt dat generatie Y duurzaamheid belangrijk vindt. Uit het onderzoek blijkt dat 96% in een duurzame omgeving wil werken. Dat geldt niet alleen voor de werkomgeving zelf maar ook voor de manier waarop wordt gewerkt.
De cijfers: Hoe willen jongeren duurzaamheid terugzien in hun werkomgeving?
70.3% recycle mogelijkheden, papierbakken, prullenbakken, etc.
47.4% besparen van water
52.7% standby mogelijkheden voor elektrische apparatuur
71.6% delen van printers
47% zonnepanelen op locatie
Als je bedenkt dat één van de kenmerken van generatie Y is dat de grens tussen werk en privé vervaagt, dan zijn de uitkomsten van het onderzoek alleen nog maar positiever. Dit betekent namelijk dat zij ook in hun privé situatie staan voor duurzaamheid.
Laatst zag ik onderstaand filmpje dat onderdeel is van de campagne van Seat: Green but Mean. Lekker mensen het bloed onder de nagels vandaan halen.
De grootste grap is eigenlijk wel dat deze campagne gebaseerd is op een Canadees onderzoek: “Do green products make us better people?” (onderzoek is in pdf te vinden op de site van de Green but Mean campagne). In dit onderzoek komt naar voren dat het kopen van duurzame producten leidt tot egoïstisch en moreel twijfelachtig gedrag. De onderzoekers beweren dat de groene consument minder vriendelijk zijn tegen anderen, vaker vals spelen en zelfs stelen!
Lijkt het hier op dat wanneer je op een bepaald gebied goed doet je je principes op andere gebieden gemakkelijker loslaat? Typisch menselijk gedrag?
Cleanbits is een Nederlands initiatief om inzichtelijk te maken of jouw hostingproviders en datacenters groen zijn. Je kunt in de greencheck je eigen website invullen en meteen zien of jouw website CO2 neutraal is. Wanneer dit niet het geval is kun je de CO2 uitstoot compenseren door te investeren in boomaanplant of windenergie. Ook geeft Cleanbits een overzicht van groene hosting providers.
Wij hebben voor de zekerheid Green at Work ingevuld in de greencheck en gelukkig zijn wij groen gehost.
In een blogpost op de site van GreenBiz heeft Kurt Kuehn een lijst opgesteld van 5 argumenten om je CFO te overtuigen dat duurzaamheid loont. De 5 punten zijn:
Duurzaam zijn verlaagt kosten en verhoogt efficiency: Niet alle vormen van duurzaamheid hebben vooraf een grote investering nodig zoals zonnepanelen of LED verlichting. Goed kijken naar de interne processen en deze zo efficiënt mogelijk maken bespaart geld en is vaak ook een stap richting duurzaamheid.
De focus leggen op duurzaamheid verlaagt de lange termijn risico’s: Doordat je als bedrijf in meer of mindere mate afhankelijk bent van energieprijzen en milieu wetgevingen kan het investeren in duurzame energie of in afval management de lange termijn risico’s verlagen.
Duurzaam zijn creëert nieuwe mogelijkheden in concurrentievoordeel en omzet: Doordat je je als bedrijf profileert als duurzaam heeft dat positieve impact op je merk en vervolgens ook op je omzet. Hier moet wel opgelet worden dat je transparant te werk gaat in deze verduurzaming, “greenwashing” wordt niet gewaardeerd.
Duurzaamheid voedt innovatie: Door de focus op duurzaamheid te leggen creëer je een nieuwe duurzame invalshoek voor je eigen business en zal er creatief worden nagedacht over de huidige processen.
Sterke duurzame waarden verbeteren het werven, opleiden en behouden van werknemers: Als het bij (potentiële) werknemers duidelijk is dat duurzaamheid hoog in het vaandel staat wordt je interessanter als werkgever. Dat duurzaamheid steeds belangrijker wordt voor werknemers is te zien aan de vele duurzame initiatieven die van werknemers komen en niet van managers.
Wij kunnen alleen maar zeggen dat we het niet beter hadden kunnen formuleren.
Een aantal jaren geleden werd biobrandstof als één van de grote oplossingen aangedragen voor de eindigheid van de olie voorraden op aarde. Dat klonk heel mooi, maar al vrij snel kwamen een aantal vervelende bijwerkingen bovendrijven. Volgens een onderzoek van het Planbureau voor de Leefomgeving moeten we aan dat lijstje een aantal indirecte effecten toevoegen.
Uit onder andere soja, mais, tarwe, suiker bieten en suikerriet wordt biobrandstof gewonnen. Het probleem met deze grondstoffen is dat deze producten ook in de voedselketen van mens en dier terecht hadden kunnen komen. Het gevolg is stijgende voedselprijzen. Met de huidige overbevolking van onze planeet en de daarmee samenhangende hongersnoden in derde wereldlanden is dat natuurlijk niet te verkopen. In een aantal landen, waaronder met name Brazilië, worden zelfs bossen gekapt om ruimte te bieden aan landbouwgrond voor de grondstoffen van biobrandstof. Dat verdient ook niet bepaald het predicaat “Green at Work”.
Volgens het onderzoek van het Planbureau voor de Leefomgeving kan de productie en consumptie van bio-energie producten leiden tot extra broeikasgas emissies en verlies van biodiversiteit. Dit wordt veroorzaakt door indirecte effecten, zoals de uitbreiding van het landbouwareaal en door veranderingen in de prijzen van voedsel, veevoer en olie. De extra emissies kunnen zelfs het emissievoordeel van biobrandstof deels of geheel teniet doen. De onderzoekers voegen hier wel aan toe dat door verbetering van de efficiëntie in de landbouw deze negatieve effecten kunnen worden beperkt. Maar het is wel duidelijk dat we niet zomaar kunnen aannemen dat biobrandstof dé oplossing is voor de eindigheid van olie. Wat dat betreft bieden andere ontwikkelingen als energieopwekking uit algen en biomassa wellicht meer potentie. Op de volgende wikipagina staat meer interessante informatie over de productie van algen en energie winning uit getijdenenergie. Uit de tabellen met de opbrengst aan liters ethanol en biodiesel per gewas blijkt eveneens de potentie van algen als energiebron.